Mentorschap en Curatele

Mentorschap, Curatele en Beschermingsbewind overlappen elkaar en lopen soms door elkaar. Regelmatig worden bewindvoerders benaderd met de vraag om ook mentorschap of curatele uit te voeren. Waarom zou je dat wel of niet doen en wat zijn de verschillen? Mentorschap en Curatele liggen daar waar het om de zorg gaat dicht bij elkaar. Er zijn ook grote verschillen, deze worden tijdens deze lesdag uitgewerkt:

Een schets; een 17-jarige jongere met een beperking denkt dat de wereld voor hem/haar open ligt als hij/zij 18 jaar wordt. Geen verplichte zorg meer en de wijde wereld in. “Heerlijk”, denkt de jongere in kwestie! Weg uit de zorginstelling. Ouders maken zich grote zorgen omdat al eerder is gebleken dat de reikwijdte van keuzes niet wordt overzien. Je wordt benaderd door de omgeving van deze jongere of jij de curator wil worden.
In de praktijk worden veel (ervaren) bewindvoerders benaderd om ook curatele uit te gaan voeren. Naast veel overeenkomsten zijn er ook de nodige verschillen. Verstandig/onverstandig om JA te zeggen? Wat doet een curator in de praktijk? Tegen welke dillema’s loop je aan? Hoe zit het met kwaliteitseisen? En waarom is het zo’n mooi vak? Als je het wel gaat doen, waar moet je dan vooral op letten? Waar laat je je door leiden?

Nog een schets: Een dementerende ouder die niet inziet dat het zelfstandig wonen niet meer gaat. Verwaarlozing, gevaar voor zichzelf en de omgeving zijn aanwezig. Het niet (meer) kunnen zorgen voor huisdieren. Decorumverlies. De jongere die binnenkort voor de wet volwassen wordt met een beperking (die overigens zeer goed in staat is die te verbergen), zo maar wat voorbeelden die kunnen duiden op de noodzaak / wenselijkheid van mentorschap. Hoe ga je daarmee om? Mentorschap en beschermingsbewind is een combinatie die vaak voortkomt uit een vraag van het netwerk van hulpverleners. De praktijk leert dat bewindvoerders benaderd worden door netwerkpartners met de vraag of je mentor wil worden. Naast veel overeenkomsten zijn er ook de nodige verschillen. Als je het wel gaat doen, waar moet je dan vooral op letten? Wat zijn de grenzen van je kunnen, willen en mogen? Wat doe jij en wat doe je juist niet. Hoe ga je om in het beschermen van de rechthebbende, welke grenzen zijn er op dat gebied? Hoe verantwoord je je handelen? Beroepsethiek?

Aan de hand van wetgeving en casuïstiek wordt deze dag ingevuld door een specialist: Saskia van Boles.

Datum:
15 september 2017 VOL
28 november 2017 VOL

Data 2018 n.t.b.

Kosten:
€295,– ex 21% BTW

 

AANMELDEN

PE-punten en accreditatie

De wetgever heeft gesteld dat iedere beschermingsbewindvoerder jaarlijks aantoonbaar tijd moet besteden aan permanente educatie.
Er is door de wetgever geen uren-eis gesteld.

De BPBI verlangt van haar leden 8 PE-punten per jaar en de NBPB 16 uur per jaar. Indien u lid bent van de BPBI of de NBPB is het voor u van belang om te weten hoeveel PE-punten worden toegekend per PE-module:

- Bij de BPBI is accreditatie aangevraagd voor de permanente educatie modules . Aangezien de duur van de PE-modules 6 effectieve lesuren is, worden door de BPBI ook 6 PE-punten toegekend.

- De NBPB vraagt niet om accreditatie maar wil weten hoeveel effectieve lesuren permanente educatie er zijn gevolgd, dit zijn 6 effectieve lesuren per PE-module.

- Indien u lid bent van de VeWeVe kunt u voor of na het volgen van permanente educatie om puntentoekenning bij de VeWeVe vragen. Zie http://www.veweve.nl/permanente-educatie/

- WSNP bewindvoerders hebben als het gaat om PE-punten te maken met de Raad voor de Rechtsbijstand. Zij kunnen voor of na het volgen van permanente educatie om puntentoekenning bij de Raad voor de Rechtsbijstand vragen. Zie http://www.bureauwsnp.nl/voor-bewindvoerders/permanente-educatie